Interview met Piet Vannoppen: Opties zijn een must voor elke beleggingsportefeuille

Opties

Bezint eer je begint: waag u nooit onbeslagen op de optiebeursvloer

Opties, de meeste beleggers moeten er niets van weten. Te moeilijk, horen we vaak zeggen, alleen voor specialisten. De meeste beleggers die wel ervaring hebben met opties hebben slechte ervaringen opgedaan. Op korte termijn veel geld verloren, met als reactie ‘dat nooit meer’. Nochtans kan het ook anders. De resultaten die Piet Vannoppen van www.beursopleiding.be met een modeloptieportefeuille in zijn beursbrief kan voorleggen, tonen dat zwart op wit aan. Wat is dan het geheim van de smid? Heel eenvoudig, volgens Piet: zorg dat je goed voorbereid bent alvorens je je eerste trade doet. Voor een degelijke opleiding wat opties betreft, staat hijzelf garant. Het verhaal over beleggen in opties klinkt uit zijn mond meeslepend en vooral veelbelovend. Oordeel zelf maar!

Hoe ben je met opties in aanraking gekomen?

Piet Vannoppen: “Ik heb aan het begin van mijn carrière voor verschillende grote multinationals gewerkt, onder andere bij Siemens. Daar kreeg ik bedrijfsopties toegekend en meteen stond ik met mijn mond vol tanden. Geen flauw besef wat een optie is en daar sta je dan. Bovendien bleek dat ik belastingen moest betalen terwijl ik zelfs nog niet één cent had opgestreken. Maar al snel zag ik de voordelen van opties in. Het waren de jaren 90 en de beurskoersen kenden maar één richting: naar omhoog. Het geld stroomde bij wijze van spreken binnen. Voor opslag was er geen ruimte, maar dat gemis werd ruimschoots gecompenseerd door de royaal toegekende opties. Ik heb toen heel goed geboerd, misschien zelfs iets te goed. Want wat gaat een jongeman doen die eigenlijk meer geld binnenkrijgt dan goed voor hem is? Juist, hij gaat risico’s nemen. De eerste jaren, zeg maar de periode 1998-2000, waren die van de ‘lucky strikes’, ik verdiende aardig wat geld met opties. Maar toen brak 2000 aan en dat jaar mocht ik persoonlijk ondervinden dat je met opties ook veel geld kunt verliezen. Met put-opties had ik op dat moment nog niet gewerkt. Ik ben echter een doorbijtertje en ging een opleiding volgen. Een bezoek aan Chicago en New York bood me de gelegenheid om een paar optiehandelaren te leren kennen. Daardoor kreeg ik de kans om de optiewereld van A tot Z te leren kennen. In 2007 heb ik mijn eigen opleidingsbedrijfje opgericht en inmiddels heb ik al honderden cursisten opgeleid.

De meeste belegger vinden opties gevaarlijk. Waarom zouden ze hierin gaan beleggen?

Piet Vannoppen: “Opties zijn inderdaad gevaarlijk voor wie onbeslagen op het ijs komt. Maar het is een groot misverstand dat opties nog altijd gevaarlijk zijn voor iemand die er mee weet om te gaan. Ik zal zelfs meer zeggen: opties horen thuis in de portefeuille van elke goed opgeleide belegger. Vraag maar aan een minderheid beleggers die  in 2008 hun posities in bankaandelen hadden afgedekt met put-opties. De meeste beleggers bleken niet zo gelukkig te zijn, ze waren er dan ook aan voor de moeite. Over moeite gesproken: je moet inderdaad wat inspanningen doen om te leren hoe opties werken. Niettemin zijn opties voor iedere portefeuille noodzakelijk en dat voor twee redenen: a) voor de posities in aandelen af te dekken en b) om extra rendement te garanderen op al bestaande posities.”

Zijn opties geschikt voor de gemiddelde particuliere belegger?

Piet Vannoppen: “Zeker weten. Wie in 2008 zoals mijn vader aandelen Fortis, KBC en Dexia bezat zonder dat die posities afgedekt waren met put-opties zal het huilen nader dan het lachen hebben gestaan. Er zijn gigantische verliezen geleden op deze bankaandelen. De bezitters van put-opties mochten echter op beide oren blijven slapen, zij waren afgeschermd voor de legendarische koersdalingen die toen opgetekend werden. Maar ook de hierboven aangehaalde factor van het extra rendement speelt zeer zeker voor de gewone belegger een rol. Door het schrijven van call-opties dwing je als het ware om een aandelenportefeuille te laten renderen. Ook al beweegt de beurskoers van een onderliggende waarde (een aandeel bijvoorbeeld) een gans jaar niet, dan nog kan je via het schrijven van opties een behoorlijk rendement realiseren. Dat is vanzelfsprekend niet onbelangrijk in een periode dat vastrentende beleggingen zo goed als niets meer opbrengen. Covered calls, dus het schrijven van calls terwijl je de aandelen al bezit, biedt dan aantrekkelijk alternatief voor wie wel wat meer wil dan een spaarrekening te bieden heeft.”

Hoe begin je als particulier aan opties?

Piet Vannoppen: “De eenvoudigste manier om in te stappen zijn de bovenvermelde covered calls, ze bieden de belegger de kans om te leren hoe een optie is opgebouwd. Het is vooral het wegsmelten van de verwachtingswaarde uit geschreven optiecontracten die de belegger de kans biedt om geld te verdienen. Veel beginners maken de fout om met opties te beginnen door enkelvoudige calls of puts. Al heel snel zullen ze leren dat deze strategie hen alleen maar geld doet verliezen. Maar vooraleer ze dat begrijpen, is er meestal al heel wat tijd verstreken. De belegger zal ontgoocheld de optiemarkt de rug toekeren, in de mening dat ‘het allemaal niets voor mij is’. Inderdaad laten beginners zich vaak vangen aan het verstrijken van de tijd, waardoor de verwachtingswaarde wegsmelt. Dat wegsmeltingsproces werkt echter voor 100% in het voordeel van de schrijver van opties. De tijd is met andere woorden de beste bondgenoot van een optiebelegger, maar hij moet wel op de juiste manier met de factor tijd omspringen.

Er zijn veel interessante optiestrategieën. Welke strategie moet elke optiebelegger kennen?

Piet Vannoppen: “Buiten de covered call adviseer ik ook altijd de married put en de collar-strategie. De terminologie klinkt moeilijker dan ze is, iemand wie bij mij een opleiding heeft gevolgd speelt na een tijdje met deze begrippen. Zo komt die collar-strategie eigenlijk neer op het kopen van de aandelen in combinatie met het schrijven van calls en het eventueel kopen van een put. Die put wordt gekocht wanneer het signaal wordt gegeven dat de trend is gebroken. De belegger moet dan niet noodzakelijk zijn aandelen verkopen, maar kan het koersverlies makkelijk opvangen met de gekochte put. Er zijn talloze optie-strategieën, maar die zijn vaak te complex om door de gewone belegger te worden toegepast. Het belangrijkste naar mijn mening is dat wie bij mij een opleiding volgt netjes volgens de aangeleerde regels blijft handelen. Om dat te checken, geef ik éénmaal per maand een coachingsessie, waarin we overlopen wat er in de voorbije maand is gebeurd, hoe iedereen heeft gehandeld en of dat allemaal wel volgens de regels is gebeurd. Het nut hiervan is enorm groot: wie in opties wil handelen moet alle emoties leren uitschakelen. Zelf doe ik natuurlijk ook mee, mijn portefeuille beheer ikzelf. Die portefeuille is open en bloot zichtbaar, het is bovendien een effectieve en geen ‘paper’ portefeuille. Aan elke strategie zijn uitgeschreven regels verbonden, er is geen ruimte beschikbaar om daar van af te wijken.”

Kan je een voorbeeld geven van een recente trade?

Piet Vannoppen: “Natuurlijk, ik verwijs graag naar Groupon. Op woensdag 27 februari maakte dat bedrijf de resultaten bekend. Wanneer een bedrijf met cijfers komt, adviseer ik nooit om calls te schrijven. De belegger mag alleen maar puts kopen of anders de aandelen in bezit van de hand te doen. Op basis van het verschil tussen ask en bid kon voor de publicatie van de resultaten worden vastgesteld dat de markt uitging van een beweging van 16% in reactie op het persbericht. Uiteindelijk daalde koers van Groupon op tegenvallende cijfers met 25%. Ik stuurde de dag voordien een mailtje rond om de positie breakeven of met een klein verlies te sluiten, zodat iedereen was gewaarschuwd. Wie mijn advies opvolgde, zal zich dit niet hebben beklaagd. Voor de bekendmaking van de resultaten waren de opties op Groupon nog te goedkoop gewaardeerd, zo bleek de dag nadien.”

Kunnen opties een meerwaarde beteken voor de rustige lange termijn belegger?

Piet Vannoppen: “Vanzelfsprekend, een voorbeeld zal veel verduidelijken. Ik ben lid van verschillende optieclubs en in één van die clubs hadden we Hewlett-Packard in het vizier. Het aandeel noteerde op dat moment, het was enkele maanden geleden, op de laagste koers voor de afgelopen vijf jaar. Je moest 15 dollar betalen voor één aandeel, dus kochten wij de call januari 2014 met uitoefenprijs 20 dollar. Die kostte toen 0,50 dollarcent, inmiddels is hij 2,25 dollar waard. We hebben een goede zaak gedaan, maar we mogen ons daar niet blind op staren. Het loopt niet altijd even vlot. Enkelvoudige calls mogen maximaal 2% van de portefeuille uitmaken. Je hebt beleggers die voor 100% in enkelvoudige calls durven te gaan en dat loopt natuurlijk fout af. Het voorbeeld van Hewlett-Packard is anderzijds typisch iets voor langetermijnbeleggers, die mogen speculatief zo’n paar langerlopende calls in portefeuille nemen. Garanties op succes kunnen uiteraard niet worden gegeven.”

Je bent recent aandeelhouder geworden van TradersOnly, de nummer 1 broker voor de actieve belegger. Waarom?

Piet Vannoppen: “Ik ben al vanaf de start actief betrokken bij TradersOnly, meer bepaald vanwege de opleidingen die ik als extern medewerker er geef. Ik heb tot op de dag van vandaag al tientallen seminaries en webinars gegeven voor het huis, dus was mijn engagement als aandeelhouder eigenlijk niet meer dan een logische verdere stap. Mijn filosofie kadert perfect in de visie van TradersOnly: een goede klant zal je alleen behouden als hij tevreden is, het geven van opleidingen is de beste manier om die klanttevredenheid te bevorderen. Veel brokers geven opleidingen, maar nooit op de manier waarop dat bij TradersOnly gebeurt. We staan namelijk garant voor opvolging en dat is naar mijn bescheiden mening de enige juiste aanpak, een visie die uiteraard ook door de klanten wordt gedeeld. Ik heb daarom niet geaarzeld toen ik van de aandeelhouders het voorstel kreeg om in te stappen in het aandelenkapitaal van de broker. Buiten een correcte manier om de klanten te behandelen, is een sterk punt van TradersOnly dat het accent vooral ligt op het beter beheer van het account van de klant. Andere brokers zijn er alleen maar op uit om zoveel mogelijk klanten te maken, hier ligt dat anders. Tenslotte is er nog een persoonlijke reden waarom ik aandeelhouder ben geworden: voor de diversificatie van mijn eigen portefeuille. Naast aandelen en opties ben ik dus nu ook aandeelhouder van een broker. Een hele eer, als je het mij vraagt.”

Heb je enkele tips voor beginnende optiebelegger?

Piet Vannoppen: “Ik zet enkele tips op een rijtje:

-Koop nooit een optie als je het onderliggend aandeel niet in portefeuille hebt

-Steek nooit meer dan 2 tot 3% van de portefeuille in directionele opties (opties waarmee op een bepaalde richting wordt gemikt)

-Handel alleen in opties met fundamenteel gezonde bedrijven als onderliggende waarde

-Geef uzelf tweemaal meer de tijd als je zelf denkt nodig te hebben alvorens een bepaald doel is bereikt

Welke optiestrategieën gebruik jij het meest en waarom?

Piet Vannoppen: “Mijn favoriete strategieën zijn niet directioneel, ik werk veel met butterflies, calendar spreads en iron condors. De reden waarom ligt voor de hand: deze strategieën kan je managen, wat bij directionele opties niet het geval is. Dat managen gebeurt aan de hand van de ‘Grieken’, de Griekse lettertekens die in de optiehandel algemeen worden gebruikt. Ze worden ook wel eens de zogenaamde Optie-Grieken genoemd. Er is heel goede software beschikbaar die al het rekenwerk voor zijn rekening noemt. Je kan bijvoorbeeld met behulp van deze software berekenen wat er met de opties in de portefeuille zal gebeuren wanneer er zich forse bewegingen in de koers van de onderliggende waarde zouden voordoen. De software biedt bij wijze van spreken de mogelijkheid om de krant van morgen vandaag al te lezen. Inderdaad, je kan voor een stukje de toekomst voorspellen.

Stel dat je een portefeuille met enkel optiestrategieën zou hebben, hoe zou je deze verdelen?

Piet Vannoppen: “Ik zou die portefeuille in drie splitsen: 60 tot 70% in een ‘veilig’ gedeelte, bestaande uit collars (aandelen kopen, calls schrijven, puts kopen, zie hierboven), covered calls met gekochte put enzovoort. Daarnaast 20% income trading gericht op rendement, meer bepaald butterflies, calendar spreads, ratio spreads en iron condors. De laatste 10% zou ik gebruiken voor het opzetten van call- en put-spreads en voor earnings plays, het inspelen op bewegingen wanneer een bedrijf de resultaten bekendmaakt. Hou er rekening mee dat je eventueel wel enkelvoudige calls en puts mag kopen, maar nooit naakt mag schrijven. Veel te gevaarlijk!

Hoeveel procent van je portefeuille steek je maximaal in één optiepositie?

Piet Vannoppen: “Directioneel zou ik nooit meer dan 1 tot 2% in één positie investeren, gemanaged ga ik voor ongeveer 5% (maar ook niet meer). De rest van de portefeuille kan dan worden gevuld met aandelen, het schrijven van calls, het kopen van puts enzovoort, kortom de zaken die ik hiervoor besproken heb. Mag ik nogmaals herhalen dat je pas in de optiemarkt mag komen wanneer je de nodige ervaring hebt opgedaan. Opties zijn leuk en leveren aardig op – mijn modelportefeuille is daar een voorbeeld van – maar je moet wel weten wat je doet.”