Bankensector gebruikt Britse Pond tegen overheid

Dat de Brexit niet zal zorgen voor rampzalige economische toestanden, dat weten we onderhand. De prognoses voor de economische groei en handel worden immers weer naar boven bijgesteld.

Toch blijft de daling van het Britse pond veel discussies losweken. De neergang zal volgens David Bloom, topeconoom bij zakenbank HSBC, nog een hele tijd blijven duren.

“Het pond is de oppositie tegen deze regering geworden (…) Traders zullen het pond blijven gebruiken om de regering te bewegen richting een minder strikte Brexit”, zo klinkt het bij Bloom.

Er is al enkele weken een discussie bezig over een ‘harde’ versus ‘softe’ Brexit. Simpel gesteld: Blijft het Verenigd Koninkrijk lid van de eengemaakte Europese markt en blijft er een vrij verkeer van personen bestaan?

Is het antwoord op vorige vraagstellingen ‘ja’, dan is er sprake van een zachte Brexit. Het is een publiek geheim dat de financiële sector hier het meeste voor gewonnen is. De expats in de Londonse City voorop.

Toch lijkt Prime Minister Theresa May in te zetten op een harde clash met Brussel. Volgens haar wil het gros van de Britten geen vrij verkeer van personen meer.

Vanuit de kant van de EU is men formeel: Als er geen openstelling van personenverkeer is, dan ook geen toegang tot de ‘single market’ voor goederen en diensten. Het is dus kiezen of delen.

De harde Brexit zal volgens de bankensector tot wel 10 miljard pond gaan kosten, voornamelijk aan verloren belastinginkomsten voor de overheid.

Volgens Bloom (HSBC) is het pond veranderd in een ‘structurele en politieke munt’, in plaats van een klassiek-cyclische.

Wat de zakenbankier eigenlijk zegt is dat niemand moet verwachten dat Pound Sterling snel in waarde weer zal gaan stijgen.