Inflatie Eurozone pas in 2019 in buurt van 2%

Aan de zijlijn van de bijeenkomst van de IMF laat ECB president Mario Draghi even in de kaarten kijken omtrent de inflatievoorspellingen voor de Eurozone. Deze zouden ten vroegste tegen 2019 op het gewenste niveau komen, namelijk de 2% lijn.

De inflatie in het Eurogebied is de afgelopen jaren lager dan verwacht en komt amper in de buurt van de 2% die vooropgesteld wordt door de ECB. Sinds 2013 probeert de ECB deze te doen stijgen, een gegeven welke echter op zijn vroegst in 2019 bereikt zal worden.

De inflatie zal volgens Draghi in de loop van 2017 langzaam aan stijgen, dit verder stijgend gedurende 2018 en mogelijks een deel van 2019. De 2% lijn wordt de economen beschouwd als de ideale stijging voor zowel de economie als de schulden. Ook de Amerikaanse FED hanteert dit niveau en probeert hier ten allen tijde naar toe te streven.

Sinds 2013 slaagt de ECB er echter niet in om de Europese economie onder controle te krijgen. Om de inflatie aan te zwengelen zijn er reeds honderden miljarden euro’s in het QE-programma geïnvesteerd dat à ratio van 80 miljard euro per jaar aankopen doet op maandelijkse basis. Dit niet enkel om de inflatie naar 2% te brengen maar voornamelijk om niet in een deflatie-scenario te belanden.

Deze deflatie en de bijhorende negatieve rentes zijn de grootste schrik voor een centrale bank doordat in dat geval het hele economische systeem in gevaar komt. Deflatie zorgt er namelijk voor dat aankopen en investeringen worden uitgesteld wat de economie nog meer doet vertragen. Anderzijds zorgt een inflatie ervoor dat de bestaande schulden langzaam in relatieve waarde minderen, een gegeven wat absoluut welkom is in de huidige omstandigheden.

Het QE-programma van Draghi stopt normaal in maart 2017. Een volledige stopzetting of het eerder gradueel afbouwen ervan zal in december geëvalueerd worden aldus Draghi. Hiermee wordt tevens aangehaald dat indien nodig dit eenvoudigweg kan verlengd worden.

De komende maanden zal ook gekeken worden op welke manier de ECB het beste investeert in de economie en/of op welke manier landen met fiscale marge bijkomende investeringen kunnen doen. Hiermee wordt voornamelijk Duitsland geviseerd, Europa’s grootste economie, dat ondanks de budgettaire marge geen bijkomende investeringen wil doen.

Een ander belangrijk gegeven voor de Eurozone is de afhandeling van de Brexit-problemen. De komende 12 maanden zal er meer duidelijkheid komen hoe de toekomst eruit zal zien en of het Verenigd Koninkrijk (of delen ervan) nog toegang zal hebben tot de enorme vrijehandelszone in Europa. De volledige impact van dit alles is voor zowel het Verenigd Koninkrijk als Europa nog niet duidelijk en zal ongetwijfeld nog de nodige problemen veroorzaken.

Bronnen:

http://www.bloomberg.com