Hogere inflatie Eurozone nu goed of slecht nieuws?

De hogere olieprijzen lijken op het eerste zicht slecht nieuws voor de Europese economie die elke meevaller kan gebruiken. Dit klopt echter niet volledig aangezien deze olieprijzen zorgen voor een hogere inflatie. Het lost namelijk een fundamenteel probleem voor de ECB op, namelijk het gevaar op deflatie wat goed nieuws is voor het enorme schuldenniveau van de Europese landen.

Het bericht dat de OPEC terug vat lijkt te krijgen op de olieprijzen en deze terug daadwerkelijk stijgen is goed nieuws voor Mario Draghi, alias Super-Mario voor sommigen. Deze stijgende olieprijzen in combinatie met de zwakkere Euro zorgen ervoor dat de ECB-doelstellingen om de inflatie naar 2% te krijgen vroeger dan verwacht bereikt zullen worden.

Deze 2% grens wordt door zowel de ECB als de FED als een gezond niveau aanzien waarbij men de laatste jaren historische afwijkingen zag van 0% en minder. Deze stijgende inflatie is in de Eurozone echter eveneens een verborgen zwakheid welke door de gestegen inflatie amper zichtbaar is.

Binnen de Eurozone blijven de fundamentele problemen nog steeds bestaan waarbij het vertrouwen in de economie nog steeds gebaseerd is op de ECB die massaal blijft aankopen met behulp van het ondertussen gekende QE-programma. Ook de enorme tegenstellingen tussen de Noordelijke en Zuidelijke Eurolanden en de nakende verkiezingen in Frankrijk en Duitsland blijven voor beroering zorgen.

Het QE-programma van Draghi startte in maart 2015 maar is ondertussen reeds uitgebreid tot minstens 2017. De enige wijziging die werd doorgevoerd is de daling van het maandelijks op te kopen bedrag, namelijk 60 miljard Euro in plaats van 80 miljard Euro. Deze einddatum zorgt er eveneens voor dat er stabiliteit gegarandeerd wordt tijdens de verkiezingsperiodes in Nederland, Frankrijk, Duitsland en tijdens mogelijke referenda in Italië en Griekenland. In deze 5 landen zijn anti-Europese partijen aan een sterke opmars bezig welke het Europese project zware schade kunnen toebrengen.

Zonder invloed van de energieprijzen blijft de inflatie-doelstelling echter nog steeds onder het te bereiken niveau. Een nadeel aan deze prijzen is echter dat de zwakke economische groei mogelijks in de kiem gesmoord zal worden waardoor de onderliggende en verborgen schade nog langer zal blijven zoals deze nu is.

Een hogere inflatie is echter van groot belang voor de enorme schuldenberg welke de afgelopen decennia werd opgebouwd. Op slechts enkele uitzonderingen na is deze onhoudbaar bij een hogere rente om deze te kunnen blijven afbetalen. Aangezien de schuld in absolute cijfers aangegaan werd zorgt de inflatie ervoor dat deze jaarlijks dragelijker wordt. Dit echter op voorwaarde dat de rentesneeuwbal dit alles teniet doet, een gegeven waar ten zeerste voor gevreesd wordt in ECB-kringen.

Bij een stijgende rente zal de schade in Europa maar ook ver daarbuiten desastreus zijn. De verschillen binnen de Eurozone zullen nog verder oplopen met Duitsland welke zijn schuld de komende jaren met bijna 10% wil doen dalen tot ongeveer 60%. In Frankrijk daarentegen lijkt het point-of-no-return dichter en dichter te komen waarbij het huidige beleid deze schuld tot meer dan 100% zal doen oplopen de komende jaren.

Net hierdoor zal het beleid nog meer gehypothekeerd worden waarbij Duitsland nogmaals beloond zal worden voor het gevoerde economische beleid.

Na het einde van de tweede wereldoorlog probeerden andere grootmachten Duitsland in de kiem te smoren. Nu, 70 jaar later, is Duitsland als enige grootmacht binnen Europa gezond en klaar voor een rooskleurige toekomst. Frankrijk daarentegen is een economisch moeras en het Verenigd Koninkrijk weet nog wat de toekomst brengt met de komende Brexit in het verschiet.

Bronnen:

http://www.tradingeconomics.com

http://www.bloomberg.com