Britse banken schreeuwen om hulp bij EU

De lobbyisten die opereren namens de Britse banken en verzekeringsmaatschappijen, schreeuwen om hulp bij de aanspreekpunten van de Europese Unie. The City in Londen heeft nog steeds geen zin in de Brexit.

Vooral het gegeven dat Theresa May, als Eerste Minister, een ‘harde’ Brexit wil bekomen, baart de financiële wereld zorgen. Bij een ‘harde’ Brexit zal het Verenigd Koninkrijk ook geen deel meer blijven uitmaken van de Europese binnenmarkt van goederen en diensten. Vooral de dienstensector in Engeland zit met deze situatie verveeld.

Als we kijken naar de handelsgegevens van het Verenigd Koninkrijk naar de lidstaten van de Europese Unie, dan wordt duidelijk hoe belangrijk de dienstensector is. Bijna een kwart (22%) van al het dienstenverkeer, vanuit het Verenigd Koninkrijk naar de EU, bestaat uit financiële diensten.

Andere (technologische) zakelijke dienstverlening is eveneens goed voor bijna een kwart (23%) van het totaal. De verzekeringssector en wereld van pensioenfondsen maakt bijna 5% uit van al het dienstenverkeer richting de EU, aldus cijfers van het Nederlandse DK – Das Kapital.

De waarde voor de financiële dienstverlening richting EU vanuit het Britse eiland bedroeg in 2015 bijna 50 miljard pond. De banken in Londen hadden in 2016 voor meer dan 1 triljoen ponden aan verstrekte leningen, aan Europese bedrijven en (semi)overheden, zo weet Reuters.

De lobbyisten bemiddelen in Brussel omdat zij deze markt niet willen zien opdrogen. Ook hopen ze dat de speciale paspoorten voor werknemers uit The City, na de Brexit, geldig blijven.

Vraag is of de soep zo heet wordt gegeten als zij wordt opgediend. Er is geen enkele reden om aan te nemen dat er bij de Brexit-onderhandelingen niet wordt gesproken over het sluiten van nieuwe handelsverdragen. Geen lid zijn van de Europese ‘single market’ betekent niet (noodzakelijk) het einde van de handel tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk.