De leugens rond het basisinkomen

Het idee rond het basisinkomen is een gedrocht dat de laatste jaren al te vaak opduikt. Vraag blijft: Wie zal dat allemaal gaan betalen?

In België is ondernemer Roland Duchatelet al jaren gewonnen voor de idee van het basiskomen voor iedereen. Hij bepleitte het al destijds met zijn partij ‘Banaan’ en later met het links-liberale ‘Vivant’, dat is opgegaan in de OpenVld.

Rutger Bregman is in Nederland dan weer een van de voornaamste bepleiters van het ‘basic income’. De historicus en schrijver omschrijft het zelf als ‘gratis geld voor iedereen’.

Tal van groene en socialistische politici sprongen doorheen de tijd mee op de kar. Vooral in de Scandinavische landen won het idee aan belang. De nuchtere Zwitsers verwierpen in de zomer van 2016 gelukkig het idiote idee in een referendum.

Als het tot een referendum zou komen in Vlaanderen, net zoals in Zwitserland, zou er alvast een ander resultaat uit de stembussen komen. Afgelopen week bleek namelijk dan een meerderheid van de Vlamingen gewonnen is voor een basisinkomen.

Een studie van ‘Trendhuis’ over zingeving op het werk in Vlaanderen, toont aan dat 60 procent voorstander is van een ‘basic income’ voor iedereen. Hoeveel dat basisinkomen dan moet bedragen, werd niet gevraagd.

500 euro, 750 euro, 1000 euro, 2000 euro… gratis voor iedereen? Het kan niet op. De discussie rond het basisinkomen is dezelfde als rond de 35-uren werkweek. Waarom niet 30 uur werken, of 20 uur… met behoudt van hetzelfde loon.

Obstakel blijft steeds hetzelfde: wié gaat dat allemaal betalen? Minder werken voor hetzelfde loon, fijn, maar wat met de productiviteit en economische groei om dat systeem te bekostigen? Bij het basisinkomen is er hetzelfde probleem. Niemand die weet hoe de boel te betalen.

Het grootste aandeel voorstanders van het basisinkomen bevindt zich bij de oudste leeftijdscategorie, de generatie van 51 tot 65 jaar. 67 procent is daar te vinden voor een basisinkomen. Weinig verrassend. Die generatie wil namelijk ook brugpensioen en andere onhoudbare systemen in stand houden.

‘Gratis geld voor iedereen’ klinkt heel mooi. Echter, we hebben nog geen sterk onderbouwde berekeningen gezien die de betaalbaarheid van het basisinkomen aantonen. Tot zolang is één ding duidelijk: een ‘basic income’ betekent hogere belastingen om deze frivoliteit te betalen.

Bron: VTM Nieuws, Knack, Elsevier