Hoge inflatie. Niet structureel?

De inflatie in zowel België als Nederland is in de afgelopen maanden aanzienlijk gestegen. Met cijfers tussen 1,7 en 2,3 procent is het weer tijd voor een rondje geldontwaarding. Maar, is deze inflatie structureel van aard?

Mario Draghi heeft als voorzitter van de Europese Centrale Bank alles gedaan om inflatie te creëren in het eurogebied. In heel wat landen lukt dit niet.

In Duitsland, Nederland en België is er wél sprake van een inflatie-opstoot. Onder andere door het economische gewicht van Duitsland lijkt het nu alsof de grens van 2% inflatie overal in de eurozone in zicht komt.

Voorlopig zijn het echter maar drie landen die af te rekenen krijgen met de stijging van het prijzenniveau.

In België zit de inflatie boven 2%. Dat komt door de explosie van de energieprijzen (meer dan vijftig procent). In Nederland is ook sprake van een ‘kersteffect’.

Sinds december is de inflatie er opgelopen naar 1,7 procent, zo berekende het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Een jaar geleden was dit nog 0 procent.

Ook in Nederland hetzelfde verhaal als in België: vooral de elektriciteit (+34%) en de autobrandstof (+20 cent per liter diesel en +14 cent per liter benzine) zijn aanzienlijk duurder geworden.

Volgens economen bij ING is het veel te vroeg om te spreken van een structureel hogere inflatie. De prijzen van heel wat producten blijven voorlopig nog gelijk.

“Van robuuste inflatie in brede sectoren en in alle landen van de eurozone is nog geen sprake”, aldus Marieke Blom (Econoom bij ING).

Mario Draghi gebruikt de hogere inflatiecijfers om te bewijzen dat zijn politiek van monetaire versoepeling werkt. Niks is minder waar.

De ECB heeft op de elektriciteit- en brandstof/olie-prijzen geen vat. De gestegen inflatie staat dus los van haar gigantische opkoopprogramma.

Bron: Volkskrant