Uitgaven overheid gestegen met 60 miljard euro in 10 jaar!

De Federale Regering wil zich ‘niet kapot bezuinigen’. Berekeningen leren dat de uitgaven van de Belgische staat in 10 jaar tijd zijn gegroeid met maar liefst 60 miljard. De uitgaven swingen dus de pan uit. Hoezo er kan niet meer drastisch worden bespaard? Een overzicht!

‘show me the money’, het was de vraag van N-VA-voorzitter Bart De Wever tijdens de verkiezingscampagne van 2014. De Wever wilde bewijzen zien van de zogenaamde besparingen die door de regering Di Rupo werden doorgevoerd.

Vandaag herhaalt de geschiedenis zich. De Federale Regering, waar ironisch genoeg N-VA vandaag in zit, laat weten niet bijkomend te willen en kunnen besparen.

Cijfermateriaal toont echter aan dat de regering nog lang niet op haar tandvlees zit; wel in tegendeel. De uitgaven van de overheid stegen in de vorige tien jaar met maar liefst 60 miljard euro. En daar lijkt voorlopig nog maar weinig verandering in te komen.

Vooral in het ambtenarenapparaat en in de sociale zekerheid wordt een pak meer uitgegeven dan voorheen, zo blijkt. De totale overheidsuitgaven swingen de pan uit. Concreet: van 44 % van het BBP naar 51 % van het BBP.

De primaire uitgaven (dit zijn de kosten zonder rentelasten van de staatsschuld) groeide sinds 2007 met maar liefst 27 miljard euro.

Wat opvalt is dat in de vorige jaren er eigenlijk helemaal niet zo sterk bespaard is. Er werd gegoocheld met woorden. Het begrip “beheersing van de uitgaven” vat het allemaal mooi samen: Er was geen daling, enkel een minder snelle stijging. Wat dus nog altijd een toename impliceert.

Als we dieper ingaan op de cijfers, dan zien we dat de Belgische overheid in 2016 maar liefst 227 miljard uitgaf. Een groot deel hiervan gaat naar gezondheidszorg (30 miljard), pensioenen (41 miljard) en de lonen van ambtenaren (40 miljard).

Zorgwekkend – maar weinig verrassend – is dat de posten van ‘pensioenen’ en ‘sociale zekerheid’ een steeds grotere hap uit het budget nemen.

In 2000 was gezondheidszorg goed voor 5,3% van het BBP, in 2016 was dat al 7,6 % van het BBP. Pensioenenkosten hadden in 2000 een equivalent van 8,1 % van het BBP, vandaag is dat bijna 10,5 % van het BBP.

De overheid heeft geluk dat de rentelasten (door de extreme lage rentevoeten) fel gedaald zijn. Ze bespaart hierdoor 17 miljard euro (van 7 % van het BBP naar 2,7 % van het BBP).

Tegelijk betekent dit dat er een gigantisch tekort in de begroting opduikt, eens de rentes op de schuld weer stijgen. De rentesneeuwval zal de overheidsschulden nog verder de hoogte injagen.

Bron: Trends