Nederland: Fraudebestrijding probleem?

Met de fraudebestrijding zit het mis in Nederland, zo betoogt Hoogleraar Faillissementsfraude Tineke Hilverda. Volgens haar kun je als fraudeur beter je zaak niet failliet laten gaan, want dan krijg je een curator op je dak. Of waar de grens tussen zwart en grijs circuit vervaagt.

Faissementsfraude lijkt een van de plagen van de huidige rechtsstaat te zijn. In Nederland alleen al gaan ieder jaar tussen de 6000 à 12000 bedrijven over de kop.

Door deze faissementen blijft er jaarlijks een put over van 1,6 miljard euro aan onbetaalde schulden. “Voor een groot deel gaat het hier om fraude”, zo stelt Prof. Tineke Hilverda, die zich specialiseerde in fraude-dossiers.

Volgens Hilverda doet de Nederlandse overheid nog steeds te weinig om deze scheve toestand recht te trekken. Want, buiten de schuldenberg, is hier volgens haar “ook vaak sprake van concurrentievervalsing en onnodige werkloosheid”.

Toch beweegt er het een en ander. Zo heeft de Nederlandse belastingdienst niet minder dan veertig netwerken van ‘veelplegers’ in kaart gebracht. Daar komt bovenop dat, sinds 1 juli, curatoren nu de plicht hebben om (het vermoeden van) fraude te signaleren.

Bij deze maatregel loert het risico om de hoek dat de slinger te ver doorslaat en er de facto een omkering van bewijslast in het leven wordt geroepen.

Enigszins cynisch zou je kunnen stellen dat je als fraudeur tegenwoordig al bijna gek bent om je bedrijfje nog failliet te laten gaan, want dan krijg je een curator op je dak die dan alarm kan gaan slaan bij justitie en fiscus.

De pakkans in het algemeen blijft echter bijzonder laag, aldus fraude-experte Hilverda. “Voor elke gepakte fraudeur gingen, tot voor enkele jaren, 49 fraudeurs vrijuit. De laatste jaren is de pakkans verhoogd, maar met 10 procent blijft dit al met al laag.”

Bron: De Volkskrant