Hyperinflatie in Venezuela tot boven de 2000 procent

Het Zuid-Amerikaanse Venezuela gaat gebukt onder een grote economische crisis. Al meer dan 100 dagen protesteren Venezolanen ondertussen tegen hun socialistische president Nicolas Maduro en zijn regering.

Die protesten gaan gepaard met hevige confrontaties tussen oproerpolitie en demonstranten. In die 100 dagen zijn al 95 mensen om het leven gekomen en 1.500 anderen zijn gewond geraakt.

Situatie is genuanceerder

In dagelijkse verslaggeving lijkt het er op dat de oproerpolitie van Maduro de demonstraties de kop in drukt en daardoor verantwoordelijk mag worden gehouden voor de slachtoffers.

Toch legt verslaggeefster Abby Martin van TeleSUR uit dat de situatie genuanceerder is. Van de 95 doden sinds april kunnen 11 doden niet direct gelinkt worden aan de protesten.

Van de overige 84 doden zijn inderdaad verschillende gedood door de politie en de nationale garde.

Volgens de Venezolaanse procureur-generaal zijn 23 doden direct te wijten aan politie-ingrijpen.

Daarbij zijn onderzoeken nog steeds gaande en kwam het eerder voor dat geconcludeerd werd dat de slachtoffers niet waren omgekomen door politie-ingrijpen maar door bijvoorbeeld wapens van de oppositiegroepen zelf.

Wanneer die 23 doden wel door politie-ingrijpen te verklaren zijn blijven nog steeds 61 doden over die niet door de oproerpolitie of overheidstroepen om het leven kwamen. Zij vonden juist de dood door bepaalde acties van de oppositie.

Zeven van hen waren immers lid van de nationale garde zelf.

Anderen kwamen onder meer om het leven omdat zij door barricades van de oppositie geen toegang hadden tot benodigde medische hulp.

Referendum

Afgelopen weekend stond er een referendum gepland over de nieuwe grondwet die Maduro wil uitrollen.

Het referendum komt niet van de overheid zelf maar werd georganiseerd door de oppositie. Dit om het officiële referendum van 30 juli te dwarsbomen.

De regering-Maduro erkent het referendum niet. Toch hebben ruim zeven miljoen Venezolanen zich zondag via het alternatieve referendum uitgesproken voor de oppositie. Twaalf miljoen bleven echter thuis.

Het referendum was tegen de beoogde grondwetshervormingen en machtsuitbreidingen van president Nicolás Maduro.

Gewapende mannen hebben die kans aangegrepen om wederom lukraak het vuur te openen op een rij wachtende kiezers.

Daarbij kwam een vrouw om het leven en drie anderen raakten ernstig gewond.

Daarmee lijkt het alsof Maduro er alles aan doet om kiezers dwars te zitten. Ieder weldenkend mens snapt dat hij daar niets mee te winnen heeft.

De in te schatten situatie wordt daarmee niet makkelijker. Toch is het met redelijke zekerheid te zeggen dat de regering hoogstwaarschijnlijk niets met die beschieting van doen had.

Ondertussen gaat het slechter en slechter in Venezuela. Inmiddels leeft meer dan 70 procent onder de armoedegrens.

Inflatie door het dak

Vorig jaar kromp de economie al met 18 procent en de inflatie schiet ondertussen naar recordhoogten. Voor dit jaar verwacht het Internationaal Monetair Fonds (IMF) een stijging van de consumentenprijzen met 700 procent.

Volgend jaar zal het volgens het IMF zelfs boven de 2000 procent uit te komen.

Toch is het onbekend hoe het er op dit moment precies voorstaat met de economie van Venezuela.

De centrale bank van het land is in september 2015 gestopt met het publiceren van officiële cijfers en daarmee blijven enkel de schattingen van organisaties als het IMF over.

Bronnen: FD, TeleSUR, Elsevier

Foto: Flickr