Mario Draghi is bezorgd over dure euro

Vorig jaar beweerden vele analisten en experts dat de euro en de Amerikaanse dollar tot een pariteit zouden komen, één euro ging zonder twijfel één dollar waard zijn. Dat is even anders uitgedraaid want de euro is sinds begin dit jaar van 1,04 dollar gestegen naar 1,18 dollar, tot grote bezorgdheid van ECB-voorzitter Mario Draghi en zijn beleidsmakers.

Het was zo goed als een zekerheid, op een bepaald moment zouden beide munten één op één komen te staan. Het zag er ook lang zo naar uit vermits de Europese Centrale Bank massaal geld aan het injecteren was in de Europese economie (en nog altijd is) en de Federal Reserve een reeks renteverhogingen aankondigde voor het jaar 2017.

Maar het scenario verloopt nu een beetje anders, de Europese Centrale Bank heeft aangekondigd om het opkoopprogramma en de stimulus te verminderen terwijl de renteverhogingen van de Federal Reserve minder vlot verlopen dan gepland, dit vanwege de ‘teleurstellende’ Amerikaanse macro-economische gegevens omtrent de werkgelegenheidscijfers en de chaotische politieke situatie.

De invloed op de EUR/USD-verhouding bleef niet lang uit, de euro nam aan kracht toe terwijl de dollar in waarde moest inboeten. De beleidsmakers van de Europese Centrale Bank zien het liever anders want een te sterke euro maakt handelen met de EU duurder en dus minder interessant.

Producten invoeren van andere landen wordt dan goedkoper en dat heeft een negatief effect op de inflatie, hetgeen zo belangrijk is voor de Europese Centrale Bank. Als de euro nog duurder wordt, vormt het pas echt een probleem vermits de inflatie nu al lager uitvalt dan 2 procent, namelijk 1,3 procent.

Langs de andere kant is dit natuurlijk een gevolg van de economische ‘voorspoed’ die zich momenteel voortdoet in Europa. Mario Draghi  benadrukt dat de verwachtingen voor de eurozone hoger liggen dan vorig jaar en dat het soepel monetair beleid zijn vruchten aan het afwerpen is.

Bronnen: De Tijd, Daily FX

Foto: European parliament – Flickr