Belasting en begroting: Leugens en foute inschattingen

Bart De Wever (N-VA) heeft het in zijn eindejaarsinterviews over de financiële toestand van België. De machtigste politicus van Vlaanderen neemt op bepaalde ogenblikken graag een loopje met de werkelijkheid.

De Wever gaf deze week een lang interview voor Newsmonkey, daarin doet hij enkele interessante uitspraken. Zo heeft hij gelijk wanneer hij zegt dat Johan Van Overtveldt, als Minister van Financiën, een geliefde schietschijf is van oppositie en media.

Het klopt dat de verantwoordelijkheid van de staatsfinanciën bij meer mensen ligt dan uitsluitend Van Overtveldt. Dat de FOD Financiën, een overheidsdienst die vol zit met ambtenaren met SP.a- en CD&V-etiket, steevast de inkomsten te hoog inschat, bij de begrotingsprognoses, is een oud zeer.

Ook is De Wever eerlijk wanneer hij in het vraaggesprek openlijk toegeeft dat de taxshift (nog) niet gefinancierd is geraakt. Bij Beurs.com verkondigen we al zowat een jaar dat er een gat van ettelijke miljarden open blijft. Bij Newsmonkey geeft De Wever dat nu voor het eerst openlijk toe.

Om het gat in de taxshift dicht te rijden zijn er de komende jaren maar twee opties: ofwel wordt de taxshift teruggedraaid (door opnieuw verhoging lastendruk), ofwel wordt het gat in de begroting nog groter en de bijhorende staatsschuld nog hoger.

Toch gaat de N-VA-voorzitter ook stevig uit de bocht. “De resultaten en prognoses van de Nationale Bank zijn niet slecht”, aldus De Wever.

Oh ja? De vooruitzichten zijn de jongste jaren systematisch naar omlaag bijgesteld. Voor volgend jaar zou met 1,2%/BBP de groei van de economie nog lager uitvallen dan dit jaar.

Alle omliggende landen als Duitsland, Nederland én zelfs Frankrijk zouden volgens de verwachtingen in 2017 beter presteren dan België.

Met een begrotingstekort van 3 procent/BBP en een staatsschuld die gestegen is tot 107%/BBP heeft De Wever geen reden om euforisch te zijn.

Ook inzake het banenrapport moet het optimisme worden getemperd. Er is inderdaad een aanzienlijke aangroei van nieuwe banen. En dat deze banen niet gecreëerd worden in de overheidssector, zoals onder de PS-regeringen, is goed nieuws.

Toch moet er bij het banenrapport een kanttekening worden gemaakt: a) positieve prognoses over banengroei waren er al voor het aantreden van de regering in 2014 en staat dus deels los van het gevoerde beleid.

b) het gros van de banen is interim en/of halftijds, het gaat hier dus niet om volledige en volwaardige banen.